Zaterdag 12 juli 2008
Om half zeven zit ik samen met Ben Wielstra, Frank vanDuivenvoorde en Wouter Teunissen in de auto op een parkeerplaats in de buurtvan Camperduin. De regen komt met bakken uit hemel. We wachten tot het droog isom dan opnieuw een poging te wagen om een valepijlstormvogel in de kijker te krijgen, maar de ene bui volgt de andere open we besluiten dan om naar de vale gier(Gyps vulvus) bij Slootdorp te rijden.
Hier aangekomen blijkt deze grote aaseter nog steedsaanwezig. Hij zit op zo’n honderd vijftig meter afstand aan de rand van eenakker in de luwte van singel. Erg spannend wordt het niet, want deze anders zoimposante vogel verroert geen vin, zit contant met z’n kop en hals in de verenen ziet er hierdoor uit als een onthoofde, opgezette vogel.
Een kans om de gier van dichterbij te bekijken krijgen wegetuige dit bord bij de ingang van een boerenerf ook niet.
Alwin Borhem en Toy Janssen doen nog een poging de boer overte halen ons even toe te laten, maar de laatstgenoemde blijkt onvermurwbaar.
De enige roofvogel die we hier wel goed te zien krijgen iseen boomvalk, die enkele malen overvliegt. Erg fraai!
Gelukkig is het inmiddels droog geworden en we besluiten omnaar Den Oever te rijden. Als we onderweg bij het natuurontwikkelingsgebiedDijkgatsweide wat groepjes steltlopers afspeuren, ontmoeten we een reebok eneen hinde. Omdat de wind goed staat, worden ze niet door ons gestoord.
Ten zuiden van de Stevin-sluizen genieten we van een groepjevan zo’n zestig zwarte sterns die op sierlijke wijze boven het water vliegen.Heerlijk om naar te kijken!
De witvleugelstern waar we op hoopten laat zich ondanks hetafzoeken van de noordkant van de sluizen en “De Bak†helaas niet vinden.
We besluiten terug te gaan naar Camperduin. Onderweg stoppenwe een paar keer bij enkele velden geïnundeerd bollenland. Hier foeragerenonder andere kluten, kemphanen, wintertalingen, tureluurs, grutto’s, wat kleineplevieren, een bosruiter en een groenpootruiter.
In de Vereenigde Harger- en Pettemerpolder ontmoeten we (opde plek waar we op 28 juni een adulte vogel zagen) een juveniele steenuil. Blijkbaareen succesvol broedgeval. De vogel laat zich maar kort zien, waardoor het meniet lukt om leuke foto’s te maken.
Bij De Putten vermaken we ons prima met enkele honderdengrote sterns. Het zijn grotendeels jonge vogels, die hier wachten tot hunouders hen (met op zee gevangen vis) komen voeren. Tussen de jonge grote sternszitten ook twee exemplaren met een gele in plaats van een zwarte snavel.
Grote sterns, waaronder een juveniel met een gele snavel.
In het gebied foerageren ook wat steltjes, waaronder tweedrieteenstrandlopers (zk), acht bonte strandlopers, enkele tientallen steenlopersen een bontbekplevier.
Steenloper en drie bonte strandlopers
Om half één staan we dan toch weer op Camperduin. Met westvijf tot zes lopen er flinke golven. Af en toe vallen er nog wat spatten regen,maar al snel wordt het helemaal droog.

Er vliegen veel grote sterns, maar dit lijken ons vogels optrek, maar vogels die aan het vissen zijn om de hongerige magen van hun aan deoostkant van de Hondsbossche Zeewering wachtende jongen te vullen. Af en toevliegen er wat regenwulpen en rosse grutto’s langs.
Om acht over één en net als twee weken terug klinkt er eenschreeuw van Wouter: “Pijlstormvogel!â€Vrijwel direct heb ik de “pijl†in de kijker en het wordt meteen duidelijk dathet om een vale pijlstormvogel (Puffinus mauretanicus) gaat.De vogel vliegt vlak achter de palen, die op het eind van de kribben staan (dusop zo’n 150 meter),richting noord. De vale pijl is dusecht geweldig goed te zien. Het gaat om een vrij donkere vogel. We volgen devogel tot hij om de hoek van de Hondsbossche Zeewering verdwijnt en rammenelkaar daarna van vreugde op de schouders. Het is gelukt om deze zeldzame en inNederland o zo lastige pijlstormvogel te zien! Geweldig!Ik “piepâ€de vale pijl, zodat de vogelwellicht door vogelaars ten noorden van Camperduin kan worden opgepikt. In dehoop dat de “pijl†een lus draait en nog eens langs komt, blijven we nog tothalf drie op de telpost.
Na een bezoek aan de plaatselijke viskraam rijden we nagenietenden napratend over zowel vale gierals vale pijlstormvogel naar huis. 